Seksueel grensoverschrijdend gedrag in de zorg is een urgent probleem dat diep ingrijpt in het leven van slachtoffers. De Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) luidt de noodklok: het aantal meldingen stijgt, maar vormt slechts het topje van de ijsberg.
In 2024 ontving de IGJ 330 meldingen van seksueel grensoverschrijdend gedrag door zorgverleners. In 84% van de gevallen ging het om fysiek gedrag. Uit onderzoek van het Wetenschappelijk Onderzoek- en Datacentrum (WODC) blijkt echter dat het probleem veel groter is: meer dan 11.000 mensen zijn het afgelopen jaar slachtoffer geworden van seksueel grensoverschrijdend gedrag in een zorgrelatie. Het ging om seksuele intimidatie, online misbruik, aanranding en zelfs verkrachting.
Veel slachtoffers kregen te maken met langdurige vormen van misbruik. In 34% van de meldingen vond het gedrag plaats over een periode van weken, maanden of zelfs jaren. Dit komt vooral bij de geestelijke gezondheidszorg voor. De emotionele en fysieke gevolgen zijn vaak blijvend. Veel slachtoffers mijden vervolgens zorg, wat hun gezondheid verder onder druk zet.
Vertrouwen in zorg herstellen
Een veilige zorgrelatie is gebaseerd op vertrouwen. Wanneer een zorgverlener over de grenzen van een cliënt gaat, wordt dat vertrouwen op pijnlijke wijze geschonden. Volgens IGJ is er te weinig structurele aandacht voor preventie. Veel instellingen beperken zich tot gedragscodes en antecedentenonderzoek. Maar dat is onvoldoende.
De inspectie pleit voor een stevige aanpak met blijvende aandacht voor bewustwording, signalering en handelen. Dat betekent dat zorgorganisaties duidelijke richtlijnen moeten opstellen, medewerkers moeten trainen en cliënten goed moeten informeren over hun rechten. Ook moeten zorgorganisaties werk maken van een veilige meldcultuur.
Grote verschillen tussen sectoren
De inspectie ziet positieve ontwikkelingen bij sommige instellingen, zoals in de gehandicaptenzorg. Toch blijven veel zorgaanbieders achter. Vooral bij zorgverleners met een eigen praktijk en zzp’ers is het risico groter, onder andere door gebrek aan toezicht en collegiale toetsing. Een ander zorgpunt: bij ruim 70% van de meldingen deed het slachtoffer geen aangifte. Ook dienen zorgaanbieders zelden een tuchtklacht in tegen de zorgverlener.
Samenwerking is de sleutel
De IGJ roept op tot brede samenwerking. Bestuurders, zorgverleners, beroepsverenigingen en brancheorganisaties moeten actief werk maken van preventie, signalering en gepaste opvolging. Zorgverleners spelen een sleutelrol in het herkennen van risico’s, het bewaken van professionele grenzen en het bespreekbaar maken van lastige situaties. Regelmatige training, intervisie en bewustwording over de machtsverhouding in de zorgrelatie zijn essentieel. Bestuurders moeten preventie stevig verankeren in beleid en praktijk. Dat betekent heldere gedragsregels, aandacht voor meldstructuren, training van personeel en open communicatie met cliënten over wat wel en niet hoort binnen een zorgrelatie.
De IGJ biedt tools zoals een zelfscan en goede praktijkvoorbeelden om organisaties te ondersteunen bij het toetsen en verbeteren van hun aanpak.