De kantonrechter in Gelderland oordeelde op 14 maart 2025 dat een zorginstelling een verpleegkundige onterecht op staande voet heeft ontslagen na het achterlaten van afscheidscadeaus met schurende teksten.
De werknemer werkte sinds 2019 bij de zorginstelling, sinds maart 2023 als verpleegkundige voor 32 uur per week. Na haar laatste dienst op 30 september 2024 liet ze voor collega’s 28 cadeaupakketjes achter. Deze waren voorzien van een kaartje in de vorm van een baarmoeder met de tekst “Het is zeer kut dat ik ga”. In de pakketjes zaten pennen met teksten als Everyone’s Judging You en Can’t fix stupid, but we can sedate it. Sommige pennen kwamen terecht bij collega’s met een ernstige medische situatie. Daarnaast werden flessen toiletverfrisser met het etiket Fuckoff Spray en ansichtkaarten met de tekst And the wise one said “fuck this shit” and found another job aangetroffen. Op het bureau van een collega lag een post-it met de tekst Doe wat met de feedback.
Beledigend en respectloos gedrag?
De werkgever beschouwde dit als beledigend en respectloos gedrag. Op 4 oktober 2024 werd de verpleegkundige op staande voet ontslagen. Ze stapte daarop naar de rechter en stelde dat haar gedrag weliswaar misplaatst was, maar niet ernstig genoeg voor een ontslag op staande voet.
De kantonrechter gaf haar gelijk. Volgens de rechter waren de teksten ongepast, maar niet ernstig genoeg om een ontslag op staande voet te rechtvaardigen. Er was bovendien geen bewijs dat de teksten gericht waren op specifieke collega’s. Ook was onvoldoende betwist dat de pennen standaard via Temu waren besteld. De rechter oordeelde dat de werkgever een te zwaar middel had ingezet en wees op de zware gevolgen van ontslag op staande voet. De werkgever had volgens de rechter moeten kiezen voor een mildere maatregel, zoals non-actiefstelling of een verzoek tot ontbinding.
Billijke vergoeding
De rechter veroordeelde de zorginstelling tot het betalen van meerdere vergoedingen. De verpleegkundige kreeg een billijke vergoeding van € 4.063 bruto. Daarnaast moest de werkgever € 11.944,02 bruto betalen vanwege het niet naleven van de opzegtermijn. Ook kende de rechter een transitievergoeding van € 7.245 bruto toe. De zorginstelling moest bovendien € 1.308 aan proceskosten betalen.