Op werkvloeren waar medewerkers meerdere talen spreken, ontstaan relatief weinig misverstanden in de zorg. In sectoren zoals de bouw, landbouw en industrie komt dit juist vaker voor, zowel tussen collega’s als met klanten.
Volgens de Nationale Enquête Arbeidsomstandigheden (NEA) 2024 van CBS en TNO zegt 64 procent van de werknemers dat meertaligheid op de werkvloer vrijwel nooit tot misverstanden leidt. In de zorg is het aantal misverstanden opvallend laag.
Zorg scoort laag bij misverstanden
In de zorg zegt slechts 1,2 procent van de werknemers dat er vaak misverstanden ontstaan door meertaligheid tussen collega’s. Bij 4,7 procent gebeurt dat regelmatig en bij 21,2 procent soms. Ook taalverschillen met klanten of patiënten leveren in de zorgsector relatief weinig problemen op. In de bouw (49 procent), landbouw (48 procent) en industrie (46 procent) ervaart bijna de helft van de werknemers met meertalige collega’s wel eens misverstanden. Ook in het contact met klanten spelen taalverschillen daar vaker een rol. In sectoren als onderwijs en openbaar bestuur is dat juist minder: 23 en 20 procent van de werknemers meldt daar misverstanden. Voor het eerst is in 2024 onderzocht welke talen werknemers onderling spreken. Naast Nederlands is Engels de meest voorkomende tweede taal, met 23 procent.
Gevolgen misverstanden
Het meest genoemde gevolg van taalgerelateerde misverstanden is dat het werk niet goed wordt uitgevoerd of dat er fouten worden gemaakt. Dat zegt ruim 10 procent van de werknemers. Verder noemt 4 procent gevoelens van buitensluiting en 1 procent gevaarlijke situaties of ongelukken.
Bron: Nationale Enquête Arbeidsomstandigheden (NEA) 2024, CBS en TNO.