Sinds januari handhaaft de Belastingdienst strenger op schijnzelfstandigheid. Zorginstellingen proberen zzp’ers in loondienst te krijgen, maar slagen daar nauwelijks in.
Dat blijkt uit een rondgang van de NOS en regionale krant de Stentor onder zorginstellingen.
Werkgevers, werknemers en zelfstandigen hielden hun adem in bij de start van dit jaar. De Belastingdienst zou vanaf 1 januari actiever optreden tegen schijnzelfstandigheid. Toch bleef een grote schok op de arbeidsmarkt uit. In het eerste kwartaal verdwenen 52.000 banen voor zelfstandigen, aldus het CBS. Ook meldden tienduizenden zzp’ers zich af bij de Kamer van Koophandel. Maar van strikte handhaving is nog geen sprake. Inspecteurs treden vooralsnog terughoudend op en delen geen boetes uit.
Moeizame overgang naar loondienst
Vooral in de zorgsector leidt de afschaling van zzp’ers tot knelpunten. Instellingen krijgen te weinig mensen in loondienst terug en kampen daardoor met personeelstekorten. Beroepsorganisatie NU’91 meldt in een artikel op nos.nl dat dit op sommige plekken leidt tot schrijnende situaties. “Cliënten liggen te lang op bed, familie wordt gevraagd bij te springen, eetmomenten worden overgeslagen.”
Om personeel aan zich te binden, zetten zorginstellingen uiteenlopende middelen in. De Stentor meldt in een artikel dat zorgorganisatie Aafje medewerkers de mogelijkheid biedt om plannen in te dienen voor uitjes met collega’s. Inmiddels hebben 1400 medewerkers hiervan gebruikgemaakt. Ook zijn er bij Aafje bonussen beschikbaar, kunnen nieuwe medewerkers voor een relatief laag bedrag een woning huren en is er 24/7 gratis mentale hulp voor medewerkers en hun huisgenoten.
Andere organisaties, zoals Careyn, bieden loyaliteitsbonussen aan en toeslagen voor extra diensten. Toch lukt het maar beperkt om zzp’ers aan te trekken voor loondienst.
Roosterbeleid toe aan vernieuwing
Naast financiële prikkels richten zorgorganisaties zich ook op flexibeler roosteren. In het eerdergenoemde artikel in de Stentor zegt Careyn-bestuurder Chantal Beks dat de traditionele manier van roosteren niet meer past bij modern werkgeverschap. “Door aan te sluiten bij wat bij mensen past, hebben we meer kans op voldoende mensen. Het is óf niemand erbij óf flexibel kijken naar contracten,” zegt Beks.
Zorginstelling SWZ merkt ook dat flexibiliteit belangrijk is. Tot nu toe zijn daar slechts 10 tot 15 zzp’ers in dienst getreden. In september volgt een nieuwe ronde van gesprekken. “We proberen nu te roosteren voor meerdere teams samen. Dan heb je meer armslag om gaten op te vullen en er zijn allerlei soorten diensten waar mensen uit kunnen kiezen,” aldus manager Willy Verkuijlen in de Stentor.
Geen sterke toename van uitzendkrachten
Hoewel instellingen proberen te minderen met zzp’ers, groeit de behoefte op de achtergrond opnieuw, ziet zelfstandigenorganisatie VZN. Uitzendkrachten en gedetacheerden worden minder vaak ingezet dan verwacht. In het eerste kwartaal daalde het aantal uitzendkrachten juist. “Bedrijven geven aan dat ze minder met zzp’ers werken, maar het komt niet terug in uitzend- of loondienstcijfers. Dus waar zijn al die mensen?”, vraagt VZN-voorzitter Cristel van de Ven zich af.
Bij zorginstelling Thebe daalde het aantal zzp-uren van bijna 10.000 in december naar 1800 in januari en 93 in een later stadium. Tegelijkertijd steeg het aantal gewerkte uren van vaste medewerkers met gemiddeld 12 procent. “Dat houden we goed in de gaten, want we willen niet dat collega’s zich overbelasten,” zegt bestuurder Jef Mol in de Stentor.
Zzp’ers hard nodig voor zomerroosters, onzekerheid blijft
De zomervakantie staat voor de deur. Instellingen maken roosters, en zzp’ers in de zorg verwachten alsnog vaker ingezet te worden. Tegelijkertijd is de onzekerheid groot over wat er na de zomer gebeurt. Zorgorganisaties breiden daarom hun flexpools uit, onder meer voor zzp’ers die wel in dienst willen, maar niet in een vast team willen werken. De overgang van zzp naar loondienst blijkt een proces van de lange adem, met grote verschillen tussen instellingen.