Twintig procent van de zorgzzp’ers verwacht in de loop van 2025 te stoppen vanwege de verscherpte handhaving op schijnzelfstandigheid. Van deze groep overweegt een kwart zelfs volledig uit de zorg te stappen. Dit zou neerkomen op een verlies van ongeveer 10.000 zorgprofessionals. Dat blijkt uit een analyse van Tilburgse hoogleraren Joris Knoben en Josette Dijkhuizen, gebaseerd op enquêteonderzoek onder leden van SoloPartners.
Sinds de Belastingdienst in januari 2025 is begonnen met het handhaven op schijnzelfstandigheid stoppen maandelijks ruim 3.000 zorgzzp’ers. Dit is drie keer zoveel als gemiddeld in de afgelopen vijf jaar. Dit blijkt uit enquêteonderzoek onder leden van SoloPartners. De hoogleraren van de Tilburg University verzamelden hun data via een korte vragenlijst onder leden van SoloPartners, een brancheorganisatie met circa 42.000 aangesloten zorg-zzp’ers.
In totaal zijn er ongeveer 211.000 zzp’ers actief in de zorg. Het is niet vast te stellen of de respondenten representatief zijn voor alle zorg-zzp’ers, maar het is volgens de hoogleraren aannemelijk dat met name “serieuzere” zelfstandigen lid zijn van een brancheorganisatie. Deze groep wordt minder snel aangemerkt als schijnzelfstandige. Knoben en Dijkhuizen wijzen er daarom op dat de uitkomsten van het onderzoek mogelijk een voorzichtige inschatting zijn van de werkelijke effecten in de gehele sector.
Groot deel stopt door handhaving
Van de geënquêteerde zorgzzp’ers stopte vijf procent in de zes maanden voorafgaand aan het onderzoek. Van hen noemt 68 procent de strengere handhaving als belangrijkste reden. Negentien procent stopte vanwege de onzekerheid van het ondernemerschap. Dertien procent vanwege een aantrekkelijk aanbod (financieel of op het gebied van leer- en ontwikkelmogelijkheden) in loondienst. Volgens de onderzoekers voelen veel zzp’ers zich gedwongen om te stoppen, omdat opdrachtgevers huiverig zijn geworden om zzp’ers in te huren.
Mogelijke uitstroom tienduizend zorgprofessionals
Van de nog actieve zorgzzp’ers verwacht 75 procent in 2025 door te gaan als zelfstandige. Deze groep geeft aan te kunnen aantonen dat zij daadwerkelijk zelfstandig werken, en maakt zich daarom minder zorgen over de eigen positie. Wel vrezen zij dat opdrachtgevers terughoudender worden in het inhuren van zzp’ers. Vier procent denkt over te stappen naar werk via een uitzendbureau, vijf procent verwacht in loondienst te gaan en zeven procent overweegt de zorg helemaal te verlaten. Negen procent weet nog niet wat zij gaan doen.
Volgens de respondenten zou zonder de strengere handhaving slechts één procent de zorg hebben verlaten en zou 95 procent zijn doorgegaan als zzp’er. Het verschil tussen deze voorkeur en de verwachte realiteit wijst op een forse potentiële uitstroom. Als deze cijfers representatief zijn voor de totale groep van 211.000 zorg-zzp’ers, zou dit neerkomen op een mogelijke uitstroom van 42.000 personen. Een kwart daarvan, zo’n 10.000, zou de zorg zelfs volledig verlaten. Omdat negen procent van de zzp’ers nog twijfelt, is dit aantal waarschijnlijk aan de lage kant. Hoewel 10.000 zzp’ers minder dan één procent van het totaal aantal arbeidsplaatsen in de zorg is, kan het toch knelpunten veroorzaken. Vooral in specifieke regio’s of bij bepaalde organisaties.
Voorkeur blijft bij zelfstandig ondernemerschap
Van de respondenten geeft 95 procent aan liever als zelfstandige door te willen gaan. Toch verwacht een aanzienlijk deel dit niet te kunnen. De meeste overwegen alleen loondienst of werk buiten de zorg uit noodzaak. Slechts een kleine groep geeft aan daadwerkelijk voor loondienst te kiezen vanwege aantrekkelijke voorwaarden.
Knoben en Dijkhuizen concluderen dat de daling in het aantal zzp’ers geen gevolg is van veranderde voorkeuren, maar van externe druk. Zij pleiten voor heldere criteria rond (schijn)zelfstandigheid, zodat opdrachtgevers niet onnodig terughoudend worden. Tegelijkertijd moet loondienst aantrekkelijker worden gemaakt, met meer aandacht voor autonomie en flexibiliteit.
Meer interviews, columns en artikelen over HR in de zorg in je mailbox?
Onze gratis nieuwsbrief verschijnt één keer per week. Meld je hier aan