De achterstanden bij sociaal-medische beoordelingen voor arbeidsongeschiktheid nemen de komende jaren verder toe. Minister Van Hijum kondigt daarom een reeks maatregelen aan om de druk op het stelsel te verlichten en UWV te ondersteunen.
De wachtlijsten voor WIA-beoordelingen, herbeoordelingen en andere sociaal-medische keuringen groeien sneller dan UWV aankan. Volgens de nieuwste prognoses stijgt het aantal mensen dat wacht op een WIA-claimbeoordeling tot 100.000 in 2027 en zelfs 200.000 in 2030. Dat schrijft minister Van Hijum van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en van Volksgezondheid, Welzijn en Sport in een brief aan de Tweede Kamer. De minister spreekt van “een stelsel onder grote druk” en werkt aan een voorstel voor fundamentele hervorming, zodat een nieuw kabinet hiermee verder kan.
Extra geld en maatregelen op korte termijn
Op korte termijn investeert het kabinet structureel € 36 miljoen per jaar in sociaal-medische centra (SMC’s). Ook voert de minister de 60-plusmaatregel opnieuw in, voor de duur van twee jaar: mensen van 60 jaar en ouder krijgen vanaf 1 september 2025 sneller duidelijkheid over hun WIA-aanvraag. Dit door een versimpelde beoordeling zonder inzet van een verzekeringsarts. Verder wordt het tijdelijke kwijtscheldingsbeleid voor voorschotten structureel. Mensen hoeven het ontvangen voorschot niet terug te betalen als ze wachten op een beoordeling. Daarnaast komt er geld beschikbaar om om WIA-uitkeringen waarbij sprake is van zogenoemde “loonloze tijdvakken” te herstellen.” Tot en met 2030 is hiervoor € 358 miljoen gereserveerd.
Beperkte inzet van artsen en stoppen met zzp-constructies
De krapte op de arbeidsmarkt speelt UWV parten. Hoewel in 2024 130 nieuwe artsen zijn geworven, vertrekken er jaarlijks ook ongeveer 100. Door het stopzetten van zzp-constructies is het bovendien onzeker of 72 fte aan zzp-artsen behouden blijft. Deze groep is goed voor 20 procent van de beoordelingen. De betrokken artsen hebben meerdere keren een aanbod gekregen om in loondienst te komen, maar UWV verwacht dat een groot deel van deze groep niet bij de organisatie blijft werken. Hierdoor dreigt verdere druk op de capaciteit voor sociaal-medische beoordelingen.
Medisch advies bedrijfsarts leidend bij RIV-toets
Om de druk op verzekeringsartsen te verlagen, worden twee maatregelen doorgevoerd. Allereerst wordt de werkwijze “praktisch beoordelen” voortgezet. Daarbij wordt het arbeidsongeschiktheidspercentage voor werkenden gebaseerd op hun inkomen, zonder aparte theoretische beoordeling. Daarnaast wordt het medisch advies van de bedrijfsarts leidend bij de toetsing van het re-integratieverslag (RIV-toets) door UWV. Daardoor vervalt het risico op loonsancties vanwege medische verschillen van inzicht tussen de bedrijfsarts en de verzekeringsarts. Deze maatregel heeft als doel om werkgevers meer zekerheid te geven bij hun verplichtingen rond loondoorbetaling bij ziekte en om de werkdruk bij verzekeringsartsen te verlagen. Het kabinet bereidt hiervoor een wetsvoorstel voor, dat ze uiterlijk in de zomer van 2026 bij de Tweede Kamer willen indienen.
Ook maatregelen voor Wajong en Ziektewet
Wajong-beoordelingen krijgen prioriteit. UWV wil ervoor zorgen dat eind 2025 niemand langer dan 14 weken hoeft te wachten. Verder start UWV pilots om Ziektewetcliënten beter te begeleiden, zodat instroom in de WIA wordt beperkt. De minister onderzoekt daarnaast of sociaal ontwikkelbedrijven kunnen helpen bij preventie.
Structurele hervorming blijft nodig
De voorgestelde maatregelen zijn deels gebaseerd op het advies van de Onafhankelijke Commissie Toekomst Arbeidsongeschiktheidsstelsel (OCTAS). Deze commissie bracht begin 2024 een rapport uit met aanbevelingen om het stelsel eenvoudiger, beter uitvoerbaar en toekomstbestendiger te maken. OCTAS adviseert onder meer om de uitvoering te versterken, meer ruimte te geven aan preventie en re-integratie, en het aantal regelingen terug te brengen.
De minister erkent dat de huidige maatregelen de achterstanden slechts beperken, maar niet oplossen. “Een meer fundamentele herziening is meer dan ooit noodzakelijk,” schrijft Van Hijum. Het eindrapport van OCTAS en het interdepartementale beleidsonderzoek naar de WIA, dat eind 2025 wordt verwacht, dienen als input voor structurele aanpassingen aan het stelsel. Aan het einde van dit jaar wordt de Kamer opnieuw geïnformeerd over de voortgang.