Zorgorganisaties in de VVT-sector boekten in 2024 een positief resultaat van ruim € 1 miljard. Toch blijven het hoge ziekteverzuim en de aanhoudende personeelstekorten een structurele uitdaging.
Dit blijkt uit een analyse van de jaarverslagen van zorgorganisaties in de VVT-sector over 2024 van Intrakoop en Verstegen accountants en adviseurs. In vergelijking met 2023 is het financiële resultaat van de ouderenzorg sterk toegenomen. De gezamenlijke resultaatratio verdubbelde van 1,7% naar 3,5%. Ook andere financiële kengetallen verbeterden, zoals de EBITDA (7%), de liquiditeitsratio (1,7) en de solvabiliteit (30,3%). Verder daalde het aantal verlieslatende organisaties van 131 naar 82. Deze positieve cijfers zijn vooral het gevolg van uitgestelde bezuinigingen en lagere kapitaallasten. Tegelijkertijd blijven verzuim en personeelstekort zwaar drukken op de sector. De onderliggende druk op de bedrijfsvoering is dus nog steeds groot.
Hoge personeelskosten drukken op organisatie
In 2024 bedroegen de totale personeelskosten € 19,6 miljard, een stijging van 8,3%. Deze toename komt vooral door cao-verhogingen, hogere sociale lasten en pensioenpremies. Daarnaast is de kilometervergoeding bijna verdubbeld en is het aantal declarabele kilometers verruimd. Daardoor zijn ook de overige personeelskosten flink toegenomen. Van het totaal aan personeelskosten is 69% toe te schrijven aan lonen en salarissen. De stijging van de overige personeelskosten bedroeg 13,4%. Het gaat dan onder andere om arbo- en opleidingskosten, dienstkleding en reiskostenvergoedingen. Deze stijging is grotendeels cao-gerelateerd.
De personeelskosten vormen een grote kostenpost binnen de VVT. Toch daalde de personeelskostenratio (personeelskosten ten opzichte van zorgopbrengsten) van 73,2% naar 72,5%. Deze daling wijst op een efficiëntere inzet van personeel en/of een afname van de inzet van relatief dure externe krachten. Dit had een positief effect op het resultaat. De gunstige ontwikkeling van de personeelslasten draagt ook bij aan de stijging van de EBITDA. Dit kengetal geeft een goed beeld van de operationele prestaties van organisaties, los van financierings- en investeringskeuzes.
Verzuim zwaarwegende kostenpost
Tegelijkertijd blijft het ziekteverzuim een zwaarwegende kostenpost. In 2024 bedroeg het verzuim gemiddeld 9,4%. Daarmee heeft de VVT opnieuw het hoogste verzuimcijfer van alle zorgsectoren. Sinds de coronaperiode ligt het verzuim structureel boven de 8%. Van de totale loonsom van € 17 miljard is naar schatting € 1,6 miljard toe te schrijven aan medewerkers die door ziekte niet productief zijn. Met iedere procentpunt daling van het verzuim zou de productiviteit met circa € 170 miljoen toenemen. Daarbij zijn de vervangingskosten, extra inzet van collega’s en uitzendkrachten én de impact op de kwaliteit van zorg nog niet meegerekend.
Daarnaast speelt ook het personeelstekort een grote rol. Eind 2024 stonden er 10.166 vacatures open die al sinds september niet zijn ingevuld. Het gaat vooral om cliëntgebonden functies. De combinatie van structureel hoog verzuim en moeilijk vervulbare vacatures maakt het organiseren van zorg dus steeds lastiger.
Inkoopkosten stijgen door inflatie en externe inzet
In totaal gaven de onderzochte organisaties in 2024 € 9,6 miljard uit aan inkoop. Dit is een stijging van 5,8% ten opzichte van het jaar ervoor. Tot de inkoopuitgaven worden alle inkoopgerelateerde exploitatiekosten en afschrijvingen gerekend. De stijging is bij alle kostensoorten deels te verklaren door de aanhoudende inflatie.
De inzet van extern personeel vormde met bijna € 1,9 miljard opnieuw de grootste kostenpost binnen de inkoopuitgaven. Daarbij zijn de overige kosten voor uitbesteed werk nog niet meegerekend. De uitgaven aan overig uitbesteed werk, waaronder detachering en uitzendkrachten, stegen met 8,5%. Dat is een relatief sterke stijging, en het lijkt erop dat een deel van de kosten voor personeel niet in loondienst (PNIL) verschuift naar andere vormen van uitbesteding.
De PNIL-kosten stegen in 2024 slechts met 1,9%. In eerdere jaren lagen die stijgingen structureel tussen de 10 en 20%. Veel organisaties lijken hiermee al te anticiperen op de aangepaste Wet DBA, die per 2025 strengere regels stelt aan de inzet van zzp’ers. De inkoopratio daalde licht van 32,9% naar 32,3%. Dit wijst op een iets efficiënter gebruik van middelen.
Verschillen tussen organisaties nemen toe
De financiële verschillen tussen kleine, middelgrote en grote VVT-organisaties nemen toe. Grote organisaties beschikken over meer slagkracht en wendbaarheid. Een solide financiële basis is essentieel om de noodzakelijke transitie naar passende zorg, digitalisering en duurzaamheid te kunnen dragen. Ondanks de positieve cijfers blijft waakzaamheid geboden. “De cijfers vertellen niet het hele verhaal. Met nieuwe verkiezingen op komst blijft het onvoorspelbaar of er toch weer bezuinigingen komen. Het is eerder een adempauze dan een structurele verbetering,” zegt Ruud Plu, directeur-bestuurder van Intrakoop.
Intrakoop en Verstegen accountants en adviseurs publiceren jaarlijks de jaarverslagenanalyse op basis van openbare jaarrekeningen. De volledige analyse over 2024 is beschikbaar via de website van Intrakoop.