
De zorg draait op mensen. En die zijn allemaal anders. Juist daarom loont het om kritisch te kijken: past de manier waarop we werken nog bij de mensen die we willen behouden? Inclusie begint niet bij beleid, maar op de werkvloer. Als HR-professional kun jij daarin het verschil maken.
Diversiteit en inclusie. We gooien die termen vaak op één hoop, maar ze betekenen iets anders. Diversiteit gaat over wie er bij je werkt: mensen van verschillende leeftijden, achtergronden, levensfases, breinen. Inclusie gaat over of de mensen die bij je werken ook echt kunnen meedoen. Of ze ruimte krijgen om zichzelf te zijn of dat ze zich moeten voegen naar hoe ‘we het hier doen’.
Hoe houden we mensen binnen?
Er is niemand in de zorg die níet wakker ligt van personeelstekorten, hoge werkdruk en uitval. Soms ligt het aan de zwaarte van het vak, soms aan de privésituatie van iemand, en soms ook, zonder oordeel, aan de manier waarop het werk is ingericht. Voor collega’s die anders denken of prikkels anders verwerken, bijvoorbeeld mensen met ADHD, autisme, dyslexie of hoogsensitiviteit, kan de werkomgeving net wat zwaarder wegen. Niet omdat ze hun werk niet goed doen, maar omdat het systeem waarin ze werken niet altijd past bij hoe zij informatie verwerken of het systeem hen niet tot hun recht laat komen.
Dat klinkt misschien als iets groots, maar dat hoeft het niet te zijn. Kleine aanpassingen maken vaak al een groot verschil. Maar daarvoor moet je wél weten wat iemand nodig heeft om goed te kunnen functioneren.
Maatwerk
En ja, dat maatwerk roept soms vragen op. Waarom hoeft zij geen nachtdiensten te draaien? Waarom krijgt hij een rustige ruimte voor administratie? Dat zou ik ook wel willen. Dat gevoel is begrijpelijk, het kan soms oneerlijk aanvoelen. Maar het gaat niet om privileges. Het gaat erom dat verschillende mensen in dezelfde omstandigheden iets anders nodig hebben om goed te kunnen werken. En dat lukt alleen als je daar samen, zonder oordeel, het gesprek over voert. Wat is er nodig? Wat kan wel, wat niet? En welke oplossing helpt ons allemaal verder?
Soms blijkt uit dat gesprek dat een aanpassing voor de een, ook verlichting geeft voor de ander. De een houdt van routine, de ander vindt het heerlijk om steeds iets anders te doen. En soms blijkt dat iets gewoon niet kan, maar dat er wel een andere manier is. Je ontdekt het pas als je het bespreekbaar maakt.
Kleine aanpassingen, groot verschil
In het boek “Als alle breinen werken” van Saskia Schepers lees je hoe relatief eenvoudige aanpassingen al een enorm verschil kunnen maken. Het gaat niet om groots beleid, maar om kleine dingen, zoals:
- Iemand net wat meer voorspelbaarheid in het rooster bieden.
- Een rustige plek creëren voor administratie.
- Duidelijke, schriftelijke uitleg naast de mondelinge overdracht.
- De ruimte geven om te zeggen: “Dit werkt voor mij, en dit niet zo goed.”
Geen gedoe. Gewoon: mensen serieus nemen in hoe ze werken. En wat ze nodig hebben. Als we willen dat goede mensen blijven, moeten we dus af van het idee dat er maar één manier is om ‘goede medewerker’ te zijn.
Dus, waar begin je?
Niet met beleid. Maar gewoon met een vraag: wat heb jij nodig om goed te kunnen werken?
- Begin vanuit HR het gesprek met de leidinggevenden en leer hen over inclusie. Het belangrijkste is dat we af moeten van het idee dat er maar een manier van werken goed is.
- Laat leidinggevenden luisteren naar de behoeften van hun team zonder meteen iets te willen oplossen.
- Breng samen, zonder oordeel, in kaart wat dat specifieke team nodig heeft om hun werk goed te kunnen doen.
- Kijk samen met de leidinggevenden eens kritisch naar hoe je dingen nu doet. En welke speelruimte er is om tegemoet te komen aan de behoeften van het team.
- Laat de leidinggevende in gesprek gaan met het team en laat hen samen tot oplossingen komen. Ben eerlijk over wat niet kan, sta open voor nieuwe of andere oplossingen vanuit het team.
- Evalueer en ben niet bang om wat niet werkt weer aan te passen.
- Een team heeft veiligheid nodig om echt aan te geven wat er nodig is. Je zult zien dat naar mate er meer zaken veranderen, steeds meer mensen gaan aangeven wat ze nodig hebben.
Inclusie is geen luxe. Het is geen extraatje. Het is misschien wel de meest effectieve manier om je team gezond, sterk en veerkrachtig te houden. Je hoeft het niet perfect te doen. En niet alles kan. Maar als je vandaag begint met één kleine stap, één gesprek, één aanpassing, zet je iets in beweging.
En dat is misschien precies wat we nu nodig hebben.
Marijn Jenné is oprichter van wmnpwr en adviseert organisaties over duurzame inzetbaarheid, inclusie en werk-privébalans. Ze helpt organisaties niet alleen te praten over inclusie, maar het ook gewoon te doen.