De inzet van vertrouwenspersonen op de werkvloer is de afgelopen drie jaar fors toegenomen. Dat blijkt uit onderzoek van Arbo Unie.
De stijging is zichtbaar in het aantal gefactureerde uren, dat tussen 2021 en 2025 met 62 procent toenam. Ook de vraag naar externe vertrouwenspersonen groeit. Vooral de overheid schakelt vaak een vertrouwenspersoon in. Voorheen namen werknemers met een andere functie, zoals HR, deze taak erbij. Nu kiezen organisaties vaker voor gespecialiseerde ondersteuning.
Groeiend bewustzijn sociale veiligheid
“Steeds meer mensen weten de weg naar de vertrouwenspersoon te vinden. Dat betekent dat de drempel om melding te maken van ongewenst gedrag lager wordt,” aldus Riemke Bosch, vertrouwenspersoon bij Arbo Unie. Vertrouwenspersonen werken daarbij ook preventief door het gesprek aan te gaan met organisaties en leidinggevenden. Hun zichtbaarheid binnen de organisatie is volgens Arbo Unie essentieel om ongewenst gedrag te voorkomen.
Meldingen ongewenst gedrag
In 2024 en 2025 gingen de meeste meldingen over intimidatie, machtsmisbruik en seksueel grensoverschrijdend gedrag. Volgens Bosch is het belangrijk onderscheid te maken tussen “onveiligheid” en “ongemak”. Een moeilijk gesprek kan vervelend voelen, maar valt niet altijd onder ongewenst gedrag. Vertrouwenspersonen ondersteunen ook leidinggevenden en, steeds vaker, de beschuldigde medewerker. Daarbij geldt dat melder en beschuldigde nooit door dezelfde vertrouwenspersoon worden begeleid.
Pesten vaak onderschat
Hoewel intimidatie en machtsmisbruik het vaakst worden gemeld, blijkt pestgedrag breder aanwezig. Uit onderzoek blijkt dat 67 procent van de medewerkers weleens roddelt en 42 procent ervaart regelmatig grappen ten koste van collega’s. Toch zoeken medewerkers hiervoor minder snel hulp. Volgens Arbo Unie kan juist vroegtijdige ondersteuning door een vertrouwenspersoon escalatie, gezondheidsklachten en verzuim voorkomen.